Afvoer vaatwasser aansluiten: zo doe je het goed

file

De afvoer van een vaatwasser sluit je aan door de afvoerslang ongeveer 15 centimeter in de afvoerbuis te schuiven. Dat klinkt eenvoudig, en dat is het ook, maar er zijn een paar punten waar je op moet letten om lekkage en terugstroom van water te voorkomen. Hieronder vind je een duidelijk stappenplan en de meest voorkomende fouten.

Hoe werkt de afvoer van een vaatwasser?

De vaatwasser pompt gebruikt water via een afvoerslang naar buiten. Die slang sluit je aan op de afvoer onder de gootsteen, of direct op een afvoerbuis in de muur of vloer. De slang moet goed aansluiten zodat het water nergens lekt en er geen vieze lucht of vuil water terugstroomt in de machine.

Bij de meeste keukens ga je de slang aansluiten op een zijingang van het sifon onder de gootsteen. Dat sifon heeft vaak al een afgedopte aansluiting die je kunt openen door de dop eraf te draaien of door te boren. Past de slang niet direct, gebruik dan een geschikte adapter.

Stap voor stap: afvoerslang vaatwasser aansluiten

  1. Schuif de afvoerslang in de afvoerbuis. Steek de slang ongeveer 15 centimeter diep in de afvoerbuis of het sifon. Zit de slang te diep, dan kan er terugzuiging ontstaan waardoor vuil water terugstroomt. Zit de slang te ondiep, dan kan hij er makkelijk uitschuiven en lek lopen.
  2. Zorg voor een luchtbrug (high loop). Bevestig de afvoerslang met een klem hoog aan de keukenkast, zodat het hoogste punt van de slang boven de aansluiting op het sifon uitkomt. Dit voorkomt dat water terugloopt in de vaatwasser als het sifon vol staat.
  3. Slang goed vastzetten. Gebruik een slangklem of kabelbinder om de slang aan het sifon of de afvoerbuis vast te maken. Een losse slang kan er bij het pompen af trillen.
  4. Controleer op knikken. Een geknikt stuk slang zorgt voor een slechte doorstroming of verstopping. Leg de slang zo dat hij nergens scherp ombuigt.
  5. Test de aansluiting. Laat de vaatwasser een kort programma draaien en controleer ondertussen of er ergens water lekt bij de aansluiting.

Veelgemaakte fouten bij de afvoer van een vaatwasser

De slang te diep in de afvoerbuis steken is een van de meest voorkomende fouten. Als de slang te ver gaat, sluit het uiteinde aan op het water dat al in het sifon staat. Daardoor zuigt de pomp van de vaatwasser soms vuil water terug in plaats van het weg te pompen. Houd de insteekdiepte op maximaal 15 centimeter.

Een andere fout is vergeten de dop van het sifon te verwijderen. Veel sifons komen met een afgedopte zijuitgang. Die dop moet je er echt uithalen voordat je de slang aansluit, anders pompt de vaatwasser het water nergens naartoe en verschijnt er een foutmelding of loopt water terug.

Tot slot: sommige mensen laten de slang gewoon losjes hangen zonder de high loop. Dat is een risico. Bij een volle gootsteen of verstopt sifon kan het water dan zo de vaatwasser inlopen. Bevestig de slang daarom altijd hoog aan de binnenkant van de keukenkast.

Afvoerslang verlengd of vervangen?

Soms zit de aansluiting verder weg dan de standaard slang reikt. Je kunt de afvoerslang van een vaatwasser verlengen, maar houd het op maximaal 2 tot 3 meter totaal. Een langere slang maakt het voor de pomp zwaarder om het water weg te drukken, wat kan leiden tot slechte afvoer of extra slijtage aan de pomp. Gebruik voor verlenging altijd slang met dezelfde diameter als de originele en verbind ze met een rechte slangkoppeling.

Is de slang beschadigd of poreus? Vervang hem dan volledig. Een gebarsten slang is de meest voorkomende oorzaak van waterlekkage onder de vaatwasser. Universele afvoerslangen zijn verkrijgbaar bij bouwmarkten en zijn doorgaans op maat te knippen.

Met de juiste insteekdiepte, een goed bevestigde high loop en een slang zonder knikken werkt de afvoer van je vaatwasser probleemloos. Twijfel je toch aan de aansluiting of heb je te maken met een ingewikkelde situatie, dan kan een installateur het in korte tijd voor je regelen.

Gerelateerde blogs