Een airgap afvoer is een fysieke luchtonderbreking tussen de afvoerleiding van een apparaat en het rioolstelsel. Bij waterontharders en vergelijkbare apparaten voorkomt deze luchtscheiding dat verontreinigd rioolwater terugstroomt naar het apparaat of de waterleiding. Het is een eenvoudige maar effectieve maatregel die in veel situaties zelfs verplicht is vanuit de drinkwaterregelgeving.
Hoe werkt een airgap afvoer?
De werking is simpel: tussen de uitstroomopening van de afvoerleiding en de rand van de afvoertrechter of het rioolaansluitpunt zit een open luchtruimte. Water stroomt omlaag via de leiding, valt door de lucht en verdwijnt in de afvoer. Doordat er geen directe verbinding is tussen de afvoerleiding en het riool, kan er nooit een terugslagbeweging van rioolgas of -water plaatsvinden.
Vergelijk het met een kraan boven een wastafel: de kraan hangt boven het wateroppervlak en raakt het nooit aan. Dat is precies het principe van de airgap. Zou de afvoerslang wél direct op het riool worden aangesloten zonder luchtscheiding, dan bestaat het risico op terugzuigen van vuil water bij onderdruk in de leiding.
Waarom een airgap afvoer bij een waterontharder?
Waterontharders spoelen zichzelf periodiek door met pekelwater. De afvoer en de overloop van zo’n ontharder moeten op het riool worden aangesloten. Juist bij die aansluiting is een airgap sterk aan te raden, omdat het regeneratiewater relatief grote hoeveelheden zout bevat. Als dat water ooit terugzou stromen door een directe verbinding, zou het de waterleiding kunnen verontreinigen.
Naast het veiligheidsaspect speelt ook de drinkwaterwetgeving een rol. In Nederland stelt het Drinkwaterbesluit eisen aan de bescherming van drinkwater tegen terugstroom. Een correcte airgap afvoer is een erkende methode om aan die eis te voldoen bij apparaten die op het leidingwater zijn aangesloten en tegelijk afvoeren op het riool.
Praktische uitvoering: zo sluit je het aan
Een airgap afvoer bestaat doorgaans uit een trechter of een speciaal aansluitstuk dat je bevestigt boven de dichtstbijzijnde afvoerpunt, bijvoorbeeld een sifon of een putje in de vloer. De afvoerslang van de ontharder hangt vrij boven deze trechter, met een zichtbare opening van minimaal twee keer de diameter van de slang tussen het slanguitstroomuiteinde en het hoogste wateroppervlak in de trechter. Die maat is de “air gap” zelf.
- Bevestig de trechter stevig aan de wand of het aansluitpunt, zodat hij niet kan verschuiven.
- Zorg dat de afvoerslang recht boven het midden van de trechter uitkomt, zodat water niet langs de rand spat.
- Controleer of de trechter zelf vrij afvoert op het riool, zonder knik of verstopping.
- Houd de opening zichtbaar, zodat je bij een storing meteen ziet of er water weglekt.
Een airgap trechter kost doorgaans maar een paar euro en is eenvoudig verkrijgbaar bij sanitair- en waterbehandelingsspecialisten. De installatie neemt bij een bestaande opstelling meestal niet meer dan een halfuur in beslag.
Wanneer is een airgap afvoer niet voldoende?
Een airgap werkt alleen goed als de trechter en de afvoer onder de trechter ook echt vrij kunnen afvoeren. Zit er een verstopping achter de trechter, dan loopt de trechter vol en werkt de luchtscheiding niet meer. Controleer de afvoer van de trechter regelmatig, vooral bij ontharders die vaak regenereren.
Bij zeer hoge afvoerdebieten, bijvoorbeeld bij industriële waterbehandeling, kan een eenvoudige trechter te krap zijn. Dan is een grotere opvangbak of een speciaal gedimensioneerde afvoerunit nodig. Raadpleeg in dat geval een installateur die de capaciteit van de afvoer kan berekenen.
Een airgap afvoer is een kleine ingreep met een duidelijk doel: het drinkwater beschermen en voldoen aan de wettelijke eisen. Bij een waterontharder is het de standaard oplossing die installateurs en fabrikanten adviseren, en die in de praktijk simpel en betrouwbaar werkt.














